De geitenvallei in Petaloudes
We rijden van Kalithea naar Faliraki. Faliraki is het Chersonissos van Rhodos, vertelde de Sunweb mevrouw. We zouden hier niet willen zijn tenzij we van Barbie like omgevingen houden. Nou dat viel wel mee maar we wilden het toch even zien en er rond wandelen.
Faliraki is een langgerekt stadje met veel winkeltjes en restaurantjes. Althans dat hebben wij er van gezien. Hier en daar een striptease tent en vermoedelijk veel hotels langs de kust. We hebben ons vermaakt met een intensieve shopsessie. Hier hebben we een tas, t-shirts, eau de toilettes en wat souvenirs gekocht als herinnering aan Rhodos. Daarna nog maar eens een overheerlijk pitabroodje Gyros gegeten om het af te leren.

Hierna hadden we het hier wel gezien en zijn we het binnenland in gereden richting Psinthos en Petaloudes. Ondanks dat we wisten dat er nu in mei geen vlinders zijn, besluiten we de vlindervallei te bezoeken. Het moet een mooie boswandeling zijn.

Eenmaal bij de Vlindervallei aangekomen is het er uitgestorven. De meneer rekent ons half tarief en zegt erbij dat er geen vlinders zijn en of we dat weten? Ja dat weten we. Die zijn er pas in juli en augustus immers. We lopen omhoog via de houten bruggetjes en kiezelpaden. Het is niet makkelijk lopen met die ongelijke stenen. De omgeving is wel mooi om te wandelen. Erg bosachtig. Een klein stroompje ontstaat vanuit een dunne waterval met een vochtige bemoste wand waarlangs varenachtige planten groeien.

De bomen groeien hier soms horizontaal langs de rotsen en de bovenliggende boomwortels zijn wel opvallend om te zien. We zien een geit hoog op een steile wand en verwonderen over de behendige sprongen die ze maakt steil naar boven. In de verte horen we een jong geitje mekkeren wat ons langzaam nadert. Dan ziet het jonge geitje kennelijk zijn moeder (?) en spurt als een volleerde steenbok over de rotsblokken, het pad en de stenen aan de overkant van het stroompje en rent de steile wand op om moeders te begroeten.

Het is een aandoenlijk schouwspel als het jonkie luid mekkerend de oudere geit begroet die onverstoorbaar door gaat met het begrazen van de vegetatie die op de rotsige wand groeit. We dopen deze vallei daarom maar om in de geitenvallei. Die zitten er immers wel maar inderdaad geen vlinder te bekennen. Maaike en ik hebben het dan wel gehad als Kars en Michel nog een stukje naar boven klauteren. Al gauw komen ze terug naar beneden. Nee daar was ook weinig te zien of te beleven.

We lopen langzaam terug het pad af en besluiten verder te rijden richting Paradisi en Kremasti.
Reacties
Reageer
Laat een reactie achter!
- {{ error }}